Wiekloop

Om half 6 haastte mijn moeder zich om eten voor mij klaar te maken. Ik ben in mijn ouderlijk huis, want ik loop in twee dagen twee loopjes in de omgeving van Hoogeveen. Mijn ouders wonen in deze stad, of dorp zo U wilt. Ik heb er een logeerpartijtje van gemaakt.

Om half 7 wil ik in De Wijk zijn. Dan haal ik mijn startnummer op en loop ik nog een kwartiertje "warm".

Nou geloof mij, dat warmlopen is echt onzin, want het kwik zit weer boven de 30 graden. Maar goed, de stramme spiertjes wat losmaken zeg maar. Ik besluit, eenmaal daar aangekomen, het parcours wat te verkennen door 1500 meter terug te lopen vanaf de finish en daarna rechtsomkeerd. Veel bekenden zijn reeds gearriveerd bij de start waaronder team450-lid Peter Vaartjes. We zijn het er over eens dat het tyfuswarrum is. Snikheet dus. Rustig aan beginnen is het devies.

En dat doen we. We lopen samen op. Ik durf niet te hard te gaan, maar Peter vindt het tempo wat te langzaam en zet na een kilometer een tandje bij. Nog geen 50 meter verder is zijn hartslag 186 dusse... dit is geen goed idee. We lopen gestaag door op een rustige snelheid en genieten van het parcours. Zoals van de beschutte bospaadjes (!), waar we desondanks constant moeten uitkijken voor gaten in het pad.

Daarna volgt nog 3 kilometer asfalt met een hete zon in het gezicht. De snelheid valt mij wat tegen, maar echt harder wil ik ook niet gaan. Ook al zet ik nu alles op alles, rolt er nog geen goede tijd uit en de kans om helemaal stuk te gaan is te groot. Peter houdt het goed bij en we keuvelen wat over Ajax. Nou ja. Daar willen we het eigenlijk ook niet over hebben.

De eerste ronde gaat redelijk gemakkelijk en niet in de laatste plaats vanwege de vele drinkgelegenheden. Als wij start/finish passeren lopen we een lang stuk mensen van de eerste ronde tegemoet. Ook dat motiveert. Bovendien lopen we in totaal vier keer langs onze trouwe supporters: Suzanne, Adri en mijn ouders. Peter's vader liep ook mee, maar die hebben we inmiddels op een achterstandje gezet.

De tweede ronde gaat wat zwaarder, maar de finish komt snel dichterbij. Een ambulance rijdt langs ons. Een toeschouwer roept dat we vooral rustig aan moeten doen, maar in plaats daarvan versnellen we een beetje. Als we nog een kilometer moeten lopen zet ik het gas erop en Peter blijft in hetzelfde tempo doorlopen. Uiteindelijk ben ik daarom 20 tellen eerder binnen, maar we hebben dit varkentje weer gewassen. Onze eindtijden zijn 47:25 om 47:49.

Het zweet gutst van onze gezichten en we verruilen onze doordrenkte shirts voor een droog t-shirt. We kijken elkaar aan en denken hetzelfde. Dit is geen toptijd en oh oh oh wat zal een biertje ons nu lekker smaken.

Simon


Top